Kattenplaag voorkomen

Geschreven door: Henny Eckebus-Van Oosten
Locatie & periode: 1980-1984, Bethel, Oude en Nieuwe gasthuis (tot 1984), Sint- Hippolytus

In 1980 lag onze moeder in het ziekenhuis aan de Westlandseweg. Er was daar een groot terras waar vijf schuwe katten liepen met een aantal kleintjes. Ze kregen restjes eten van de patiënten. Mijn zus, een echte kattenfreak, zag en hoorde dat. Als er niet ingegrepen werd, zou er in de kortste keren een kattenplaag zijn.

Ze overlegde met het hoofd van de afdeling en schakelde de dierenbescherming Delft in. Met een vrijwilliger kwamen de vangkooien en na enkele avonden was alles gevangen. De vijf schuwe, volwassen katten werden gesteriliseerd en teruggezet.

Kattenhulp

Het ziekenhuis vertrok niet veel later naar de Reinier de Graafweg. Enkele vrijwilligers hebben nog een aantal jaren bij toerbeurt de katten van voedsel voorzien. Intussen was kattenhulp opgericht en werden her en der in de stad schuwe zwerfkatten gevangen, geholpen en teruggezet op de voerplekken.

Kattenhulp bestaat nog steeds. Mijn zus, Truus Feyge, werd een bekende in de stad. Zij is nu over de tachtig en vangt niet meer. Wel herbergt zij nog af en toe moederloze kittens.

Zwervertjes

Bij de nieuwe ziekenhuizen zijn in de loop der jaren ook nog aardig wat zwerfkatten gevangen. Nog steeds duiken hier en daar zwervertjes op. Een vrijwilliger van dierenbescherming Haaglanden vangt ze nu.

Dankzij het ziekenhuisterras is er dus kattenhulp gekomen.

Reactie

Trudy van der Wees
In 1979 deed ik eindexamen VWO. In de lange zomervakantie die volgde, had ik een baantje in het Hippolytus ziekenhuis, als keukenhulp. Ik bracht de patiënten ’s ochtends, ’s middags en ’s avonds hun maaltijd. Tussen de bedrijven door deed ik klusje in de keuken, maar hielp ook het verplegend personeel op zaal met huishoudelijke karweitjes. En ik had tijd om af en toe een praatje met patiënten te maken, wat zeer werd gewaardeerd. Ik herinner me die poezen nog heel goed. Ze waren een perfecte afleiding voor de patiënten (en voor mij). Nog steeds, als ik terugdenk aan die ene maand in het ziekenhuis, zie ik dat zonovergoten terras voor me, met al die katten. Een idylle op een plek waar je die niet verwacht.