Ik tekende mee aan de gebouwen

Geschreven door: Simon J. de Waard
Locatie & periode: 1970-1974, Bethel, Sint-Hippolytus

De nieuwe gebouwen aan de Reinier de Graafweg werden gebouwd door Melchior uit Maastricht. Op een koopje, vergeleken met andere ziekenhuizen. Dat was vooral bij ons, als installateur, goed zichtbaar. In die tijd was dat Van Rietschoten en Houwens’ uit Rotterdam (sinds 1860), later opgegaan in Internatio en vervolgens in Imtech. Maar hij had buiten de chef technische dienst van het nieuwe Bethel gerekend.

Melchior was inmiddels gewend aan die van het Sint-Hippolytus ziekenhuis, dat net iets eerder werd gebouwd. Die hield toezicht vanachter de krant vandaan, oftewel daar kon veel. Zo niet bij de ruwbouw van Bethel. Die werd begeleid door iemand met een achtergrond als scheepsmachinist en had een veel groter gevoel voor verantwoordelijkheid.

Beton storten

Dat zinde de uitvoerder van Melchior duidelijk niet en hij bedacht een “list”. Verzon een smoes dat het storten van beton een keer al ’s morgens rond vier uur diende te starten en dacht zo gevrijwaard te blijven van toezicht. Maar hij had buiten een machinist gerekend, die aan boord wachtlopen gewend was geweest. Dus toen het storten wilde starten, was alle bewapening en bekisting al weer gecontroleerd. De man liet ook van elke batch beton een blokje gieten, dat in een laboratorium een drukproef moest ondergaan. Als het van onvoldoende kwaliteit was, moest het werk over.

Ik tekende in die tijd aan de elektrotechnische installatie en was niet bij de bouwvergaderingen, weet niet of het ooit fout is gegaan. Wat ik wel weet is, dat mijn baas intern niet zo te spreken was over de hardheid van het beton. Deden de monteurs in het Sint Hippolytus 12 gaatjes met een betonboortje, in het Bethel haalden ze de helft nog niet.

Mijn bijdrage is het ontwerp van de balie van het Sint Hippolytus, de installaties van het gezamenlijke laboratorium van de ziekenhuizen en een paar verdiepingen van Bethel geweest. Ik kwam uit de petrochemie en heb er veel van geleerd.

Foute resultaten rode bloedlichaampjes

Bij de oplevering van het laboratorium leverden de tellers van rode bloedlichaampjes foute resultaten op bij de testvloeistoffen. Wij konden maar niet vinden waar dat in kon zitten. Het lab had een eigen nooddiesel en we hebben het lab afgekoppeld van het net en op de noodkar laten draaien. Met weer dezelfde foute resultaten. Uiteindelijk zijn we door het systematisch uitzetten van alle apparatuur er achter gekomen dat het de (toentertijd heel moderne thyrister-gestuurde) warmtebaden waren, die het probleem veroorzaakten.

Het zusterhuis van het Sint Hippolytus of van Bethel – ik ben kwijt of dat hetzelfde zusterhuis was – hebben we verpleegsters geleerd om de enige telefoon op de begane grond te gebruiken, terwijl er een hangslotje op de draaischijf zat. Gewoon met het aantal tikken op de strippen waar de hoorn op lag, als het getal dat je anders met de draaischijf moest draaien. Grapje van deze oudsoldaat van de verbindingsdienst.

Kleine kamers

Wij vonden de kamers van de dames schandalig klein, vooral laag en dat wilden mijn collega tekenaar en ik voor die aardige meisjes best een beetje compenseren. Mijn collega leerde ze hoe ze de automaat moesten omzeilen, waarmee voorkomen werd dat de dames teveel stroom verbruikten op de kamers.

Een kamer in de zusterflat van St. Hippolytus. Op dit moment zijn dit grotendeels kantoorkamers met één of twee bureaus voor het ondersteunende personeel