Grote waardering patiënten voor Fertiliteitscentrum Voorburg

Stellen en alleenstaanden met een vruchtbaarheidsprobleem zijn uiterst tevreden over het Fertiliteitscentrum van Reinier de Graaf. Zij geven de faciliteit op de locatie Diaconessenhuis Voorburg een dikke 8; een 8.19 om precies te zijn. Daarmee bekleedt het ziekenhuis de vierde plaats in Nederland. Dit alles bleek tijdens de recente beoordeling in het kader van de Freya Pluim.

Gezien deze prachtige uitkomst spreekt het voor zich dat het Fertiliteitscentrum het keurmerk in april opnieuw - voor twee jaar - kreeg toegekend. De Pluim is een initiatief van Freya, de vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen.

Ambitie waarmaken

De beoordelingscriteria van Freya zijn mede opgesteld vanuit het gezichtspunt en de beleving van patiënten. Evert van Santbrink, het hoofd van het Fertiliteitscentrum, is dan ook extra blij met het nieuws. Hij zegt: “We doen het allemaal voor de patiënt en dan is het fijn te vernemen dat die ons waardeert. Hieruit blijkt dat we onze ambitie waarmaken patiënten zo goed mogelijk te helpen.”

Behandelingen

Reinier de Graaf is in ons land een van de twaalf IVF-centra met een vergunning. Artsen en medewerkers van het Fertiliteitscentrum behandelen jaarlijks 800 tot 900 paren en alleenstaanden. Zij bieden alle gangbare therapieën: IVF en IVF-ICSI (reageerbuisbevruchting), IUI (inseminatie in de baarmoederholte), ovulatie-inductie (stimulatie van de eisprong) en behandelingen met donorzaad.

“Daarnaast kunnen we kankerpatiënten van dienst zijn”, vertelt gynaecoloog en sub-specialist voortplantingsgeneeskunde Van Santbrink. “Denk aan de vrouw die vanwege een kankerbehandeling het risico loopt op onvruchtbaarheid. Vóór de start van die behandeling kunnen we vaak nog embryo’s invriezen. Hetzelfde geldt voor zaadcellen van een man met bijvoorbeeld zaadbalkanker. Op die manier kan deze zijn vruchtbaarheid voor later veiligstellen.”

Wensen patiënt

Wat zijn de sterke punten van het fertiliteitscentrum? Van Santbrink: “Wij zijn zeer patiëntgericht, proberen tegemoet te komen aan de wensen van de individuele patiënt. We houden dan ook geen voorlichtingsbijeenkomsten voor groepen, maar voeren persoonlijke gesprekken, zowel voor als na een behandeling.”

Wat is op dit moment en in deze situatie de beste behandeling? Wat is het meest passend? Dat zijn de uitgangspunten van de gesprekken. Van Santbrink: “Stel, een paar heeft een aantal keer zonder succes behandeling A gekregen. Dan bespreken we samen het vervolg. Gaan we door op de ingeslagen weg, omdat de patiënt nog steeds een goede kans op zwangerschap heef? Of verwacht de patiënt niet veel meer van deze behandeling en wil men overstappen op een therapie die weliswaar nieuw perspectief biedt, maar ook lichamelijk meer belastend is?”